1. Website
zondag 19 april 2026
5 keer digitale aanwezigheid voor een zelfoogsttuin
1. Website
maandag 6 april 2026
Rondleidingen 2026 starten weer
zondag 15 maart 2026
5 afwegingen voor het bepalen van de afmetingen van teeltbedden
maandag 9 maart 2026
Meesterschap
woensdag 4 maart 2026
Werken met vrijwilligers
Af en toe vraag ik me af hoe het komt dat wij in tegenstelling tot andere organisaties zo makkelijk vrijwilligers aan ons weten te binden. Ik denk dat daarin de volgende factoren meespelen:
1. Het werk geeft voldoening. We bieden allerlei werkzaamheden aan in en om de tuin. We maken bedden klaar, zaaien en planten gewassen, wieden onkruid, doen onderhoudswerk aan gereedschap en bouwen zo nu en dan iets nieuws. Wat het werk meestal gemeen heeft, is dat het klussen zijn die een kop en een staart hebben. Met zichtbaar resultaat. Dat maakt dat we meestal voldaan kunnen terugkijken op een paar uurtjes werk.
2. Het werk trekt gelijkgestemden. Ik weet niet of je kunt spreken van één type mens dat bij ons vrijwilligerswerk komt doen, want daarvoor verschillen de individuen toch ook weer te veel. We hebben vrijwilligers in allerlei leeftijdscategorieën. Vrouwen en mannen. Praters en zwijgers. Vegetariërs en vleeseters. Reislustige en honkvaste mensen. Kortom: van alles dus.
3. We geven de vrijwilligers regie over hun eigen tijd. Veel vrijwilligersorganisaties hanteren zinnetjes als 'Vrijwilligerswerk is vrijwillig, maar niet vrijblijvend.' Daarmee bedoelen ze vaak dat je ingedeeld wordt in een rooster. En dat je er dan ook móet zijn. Dat is bij ons niet zo. We hebben wel vaste dagen en tijden waarop je mee kunt komen helpen. Maar je hulp blijft vrijwillig en vrijblijvend. Als vrijwilliger heb je de regie over je eigen tijd. Dus als je zin hebt om een half uurtje te komen werken is dat net zo goed als iemand die de hele dag komt. Want daar ga je namelijk zelf over. Het is vrijwilligerswerk, en het moet wel leuk blijven.
zondag 22 februari 2026
Het belang van standaarden
. Het gaat erom dat voor iedereen duidelijk is (vrijwilligers, oogstgenoten of medewerkers) hoe ze een taak moeten uitvoeren. Als je meer wilt weten over SOP's, zou ik hier even kijken.
zondag 8 februari 2026
De rol van oogstgenoten
In deze blogpost wilde ik eens ingaan op de rol van oogstgenoten. Die rol is namelijk cruciaal om een initiatief zoals De Groentemeester levensvatbaar te maken en te houden. En we zijn vanaf het begin gezegend geweest met voldoende animo oogstgenoot te worden bij de zelfoogsttuin.
We werken volgens het principe van Community Supported Agriculture. Het gaat er daarbij om dat de gemeenschap die om de tuin heen staat, ervoor zorgt dat we voedsel kunnen produceren voor die gemeenschap. Bij ons heten de deelnemers aan die gemeenschap 'oogstgenoten'. De oogstgenoten delen met elkaar in de oogst. In voor- en tegenspoed. Dus als de oogsten groot en overvloedig zijn, dan is er veel te kiezen. En als het tegenzit, wordt dat ook met zijn allen gedragen.
De oogstgenoten brengen voordat het seizoen begint met zijn allen het kapitaal samen om zaden, plantgoed, compost en gereedschap te kunnen betalen. En omdat één en ander ook coördinatie en (een hoop) werk vraagt, is het ook handig als er genoeg geld bijeen gebracht wordt om de tuinder een eerlijk loon te geven. Meewerken in de tuin mag, maar is niet verplicht. En als je meewerken wel fijn vindt, maar geen oogstgenoot wil zijn, kan dat ook. Dan word je vrijwilliger. Ieder draagt bij naar eigen kunnen. En alle inzet wordt gewaardeerd.
Community Supported Agriculture is dus inherent een solidaire organisatievorm. Solidair naar elkaar toe omdat je de oogst van dat seizoen met elkaar deelt. En solidair naar de tuinder toe omdat hem een eerlijk loon gegund wordt. Hij is er immers verantwoordelijk voor dat er überhaupt oogst is om te verdelen.
Maar wat mij betreft gaat het verder dan alleen een financieel plaatje dat werkt. De gemeenschap die zich rondom zo'n plek vormt, gaat ook andere verbindingen met elkaar aan. Vriendschappen ontstaan, het landschap wordt nieuw leven in geblazen, biodiversiteit ontwikkelt zich en de menselijke maat wordt weer teruggevonden. Er wordt weer samengewerkt met de natuur. En creativiteit, gezondheid en ondernemerschap worden gestimuleerd.
Zo hebben we ook dit jaar weer een prachtig workshopprogramma. Met rondleidingen door zowel de tuin als het voedselbos, maar ook tekenworkshops, bloembindworkshops, kruidenwandelingen, natuurgeneeskunde voor dieren, yogalessen en workshops ecoprinten. En dat is slechts een greep uit het komende aanbod. Met dit workshopprogramma hopen we nog meer betrokkenheid te kweken bij alle activiteiten die we ontplooien. Samen zorgen we zo voor een mooie natuurlijke plek, met leuke en leerzame activiteiten en gezellige mensen.
En het is dus dankzij de oogstgenoten dat deze plek heeft kunnen groeien. Zonder het spreekwoordelijke zaadje dat zij met zijn allen geplant hebben, hadden we niet zo ver kunnen komen. Dank!
dinsdag 3 februari 2026
Organiseren van eigen leren
Ik ben vanaf mijn vroegste jeugd al gezegend met een groot leervermogen. Mijn interesses zijn breed en nieuwe dingen doen en uitzoeken blijf ik het leukste vinden. In 2020 kwam ik erachter dat ik mezelf tot de multipotentialisten mag rekenen. Ik creëer en verbind graag.
zondag 25 januari 2026
Ritme en regelmaat
Bovendien faciliteren we op de tuin ook nog eens activiteiten zoals lessen voor basisschoolgroepen, uitjes voor teams en rondleidingen voor algemeen belangstellenden. En natuurlijk zijn er ook dagen waarop de oogstgenoten hun oogst komen binnenhalen. Een drukke bedoening die zich voornamelijk in het seizoen afspeelt.
Gelukkig hoef ik het allemaal niet in mijn eentje te doen. Ik krijg regelmatig hulp van een flinke club vrijwilligers. Totaal zo'n dertig mensen sterk. Dat is gezellig en zorgt ervoor dat de tuin er steeds weer mooi bij ligt.
Mijn behoefte aan structuur is vrij groot. Niet om me daar rigide aan vast te houden. Maar het geeft me een raamwerk waarbinnen ik flexibel kan opereren. Een goede structuur geeft rust en voorspelbaarheid. Mijn teeltplan denk ik tijdens de winterperiode van het jaar helemaal uit. Zo weet ik straks precies wat ik waar wanneer wil gaan doen. Ieder gewas krijgt zijn eigen plek op zijn eigen tijdstip.
Maar ook in de besteding van onze tijd breng ik structuur aan. Zo zijn er dagen waarop de oogstgenoten welkom zijn. We werken met vaste vrijwilligerswerkdagen. En andere dagen in de week zijn bedoeld voor het geven van lessen aan basisscholen. Zo zitten die verschillende activiteiten elkaar niet in de weg. En ik moet bekennen dat ik het ook heerlijk vind om zo nu en dan helemaal alleen in de tuin bezig te zijn. Dus ook voor die momenten wordt ruimte gemaakt in de wekelijkse agenda.
Samen maakt die planning dat er een ritme en regelmaat in alle (wekelijkse) activiteiten zit. Daarmee wordt je week voorspelbaar en overzichtelijk. Drukke momenten wisselen af met rustige tijdstippen. Ik zou niet weten hoe ik een tuinderij als De Groentemeester moest runnen zonder gebruik te maken van ritme en regelmaat.
Er is ook iets opmerkelijks (en moois). Dat zal ik uitleggen. Vrijwilligers zijn bij mij niet gebonden aan een bepaalde vrijwilligerswerkdag. Zo kunnen mensen komend seizoen komen meehelpen op dinsdag, donderdag en/of zaterdag. Maar ze kiezen zelf óf, wanneer en hoe lang ze komen helpen. Dat mag per keer. Het enige wat ik verwacht is dat men het van te voren aangeeft wanneer en hoe lang men er is. Dat geeft mensen een grote mate van flexibiliteit en regie over de besteding van hun eigen tijd.
Het opmerkelijke is dat vrijwel iedereen er een bepaald ritme op nahoudt. De meeste mensen kiezen één bepaalde dag in de week en een vaste tijd waarop ze er zullen zijn. Een ander gebruikt het werk in de tuin om even een half uurtje los te komen van kantoorwerk dat ze thuis aan het doen is en komt dus zo en dan aanwaaien. En weer een ander heeft geen behoefte aan iedere week een meewerkmoment, maar vindt het wel leuk om één keer in de maand te helpen. Al die verschillende ritmes en vormen van regelmaat zijn mogelijk. Maar het is wel fijn dat er ritmes zijn. Dat maakt het leggen van de grote puzzel op de tuin een stuk eenvoudiger.
Lijkt het je nou trouwens ook leuk om eens te helpen? Dat kan! Je hoeft er geen oogstgenoot voor te zijn, en je krijgt er veel gezelligheid, zinvolle lichaamsbeweging en een neus voor natuur voor terug. Kijk op www.degroentemeester.nl voor meer informatie. Of meld je gelijk aan als vrijwilliger via dit formulier.
--
Voor wie geïnteresseerd is in meer tips over timemanagement. Kijk eens in het aanbod van De Polderij. Ik kan een workshop verzorgen met de titel 'Handige handvatten'.
maandag 19 januari 2026
Zaadvast of hybride?
Als een ras zaadvast is, dan houdt dat in dat je van de zaden van die plant ook weer (ongeveer) dezelfde planten krijgt. Dus een zaadvast tomatenras dat een lekkere, kleine, rode kerstomaat geeft, blijft als je dat zaad uit zo'n tomaatje gebruikt, gewoon een lekkere, kleine, rode kerstomaat. Maar als een tomatenras niet zaadvast is, dan kan er uit zo'n zelfgewonnen zaadje een heel andere tomaat tevoorschijn komen. Zaadvaste rassen zijn dus bij uitstek geschikt voor (moes)tuinders die met hun zelfgewonnen zaad het volgende jaar weer nieuwe planten willen kweken.
Hybride rassen hebben die eigenschap niet. Bij hybride rassen gebruikt de zaadleverancier een specifieke moeder- en vaderplant om steeds nageslacht te maken met vrijwel dezelfde eigenschappen. Waar exemplaren van zaadvaste planten onderling allemaal een klein beetje verschillen, is dat bij hybride rassen veel homogener. Het voordeel daarvan is dat bij hybride rassen de kans veel groter is dat al je bloemkolen, of al je pompoenen op hetzelfde moment oogstklaar zijn. Ze hebben veel meer de neiging om allemaal vruchten van dezelfde grootte of hetzelfde gewicht te geven. Hybride rassen passen daarom heel goed bij een industriële oogst en verwerking. Want omdat de oogst veel homogener is, kun je de machines die je voor de oogst en verwerking gebruikt beter ontwerpen of instellen. En hetzelfde geldt voor smaak of houdbaarheid. Daarin lijken de planten veel meer op elkaar dan bij zaadvaste rassen. Als je een consistente kwaliteit van een bepaalde eigenschap belangrijk vindt, dan kies je dus eerder hybride zaad dat precies die consistentie heeft van die eigenschap.
Maar er is ook een belangrijk nadeel van hybride rassen. De zaadleverancier heeft veel tijd en energie gestopt in het 'ontdekken' van de juiste combinatie van vader- en moederplant. En dat kunnen ze alleen maar terugverdienen met het verkopen van het nageslacht van deze planten: het zaad. Om die verkopen te waarborgen, houden ze de vader- en moederplant angstvallig geheim. Dus daarmee blijft de (moes)tuinder afhankelijk van de zaadleverancier om goede zaden te verkrijgen. Je zult er dus altijd voor moeten betalen. Terwijl dat in de natuur natuurlijk niet zo werkt.
Er zijn zelfs veredelaars die patenten op de genetische code van zaad proberen vast te leggen om ervoor te zorgen dat niemand anders 'hun' ontdekking kan gebruiken.
De discussie tussen zaadvast en hybride gaat dus vaak over de toegang tot zaad en de afhankelijkheid van tuinders ten opzichte van (grote) veredelingsbedrijven.
Bij De Groentemeester maken we gebruik van zowel zaadvaste als hybride rassen. Maar ik neig de laatste tijd wel iets meer naar zaadvaste rassen. Het lijkt me leuk om met zelfgewonnen zaad verder te kweken. Misschien krijgen we daardoor dan wel soorten die steeds meer specifiek zijn ingesteld op ons plekje op de wereldbol. En wat ook belangrijk is, is dat het ons minder afhankelijk maakt van derde partijen. Dat vind ik qua toegang tot ons voedsel ook wel een belangrijk punt om op de lange termijn aan te werken. En daarbij kan het ook nog eens in de portemonnee schelen. Want van een zaadvast ras hoef je voor het volgende teeltseizoen geen nieuwe zaden te kopen als je dat niet wilt. Je kunt ze zelf winnen en weer gebruiken.
maandag 17 februari 2025
30+ gereedschappen die een tuinderij nodig heeft
Maar tegelijk vind ik het ook een (iets te) flinke lijst. Als je een tuinderij wilt starten, en je wilt er ook nog iets aan overhouden, dan zul je kritisch moeten kijken naar de kosten die je maakt. En ieder gereedschapje kost nou eenmaal geld. Dus: wat koop je wel, wat koop je niet en wat koop je later?
Nou, komt-ie.
De woelvork is een mooi gereedschap als je de bodem zo min mogelijk wil bewerken. Deze zou ik echter niet classificeren als must-have. Behalve als je met een systeem gaat werken waarbij je geen kerende grondbewerking wilt doen. Dan is dit absoluut een must-have. Je hebt ze in verschillende breedtes. Bij lichte gronden zou ik dan een woelvork aanschaffen die precies de bedbreedte heeft. Bij zwaardere gronden zou ik naar een kleinere variant gaan. Dat betekent wel dat je misschien twee keer door een bed moet om het hele bed te doen, maar anders wordt het heel zwaar werk. En je moet je lijf ook heel houden.
2. Push Seeder en 3. Pinpoint Seeder
6. Stirrup Hoe
8. Flame Weeder
9. Landscape Fabric
10. Bio-discs
11. 2-wheel-tractor
18. Insect nets
19. Black silage tarps
20. Backpack sprayer
21. Harvest Knife
23. Tool Sharpener
24. Quick Cut Greens Harvester
25. Harvest Cart
26. Harvest Bins
27. Cold Room
28. Rain Gear
29. Knee Pads
Ik heb de indruk dat hun hele filmpje uiteindelijk ook een soort reclame is voor dit laatste puntje. Ze hebben een pakket ontwikkeld dat Heirloom heet. Het ziet er goed uit, maar ik betwijfel of dit echt een must-have is. Ik denk niet dat de software een must-have is. De must-have zit hem in het hebben van een teeltplan. En hoe je dat maakt, doet er niet écht toe. Dat kan in Heirloom, maar ook in een willekeurig spreadsheet programma of gewoon op papier. Als je maar zorgt dat je een plan hebt.
Dit was hun lijst, maar eerlijk gezegd mis ik daarop nog wel een paar gereedschappen die ik wel aangeschaft heb. Ik zou nog willen toevoegen:
dinsdag 4 februari 2025
Community Supported Agriculture bij De Groentemeester
De tuin maakt gebruik van het model van Community Supported Agriculture, kortweg CSA genoemd. Er zijn zelfoogsttuinen, bloemenpluktuinen en groentepakketbedrijven die volgens dit model werken. Feitelijk komt het er op neer dat je als tuinder vooraf meer zekerheid hebt over je inkomen. Waar een gewone boer alle investeringen vooruit doet en dan nog maar moet zien of hij al zijn geproduceerde groenten ook echt op tijd verkoopt, is dat bij deze vorm niet het geval.
Vooraf wordt de gemeenschap betrokken. Mensen die mee willen delen in de oogst, worden oogstgenoot. Zij betalen vooraf in het seizoen een bijdrage waardoor ze recht krijgen op een eigen oogstaandeel. Al die bijdragen samen zorgen voor het kapitaal om de kosten van de tuin te dragen én er blijft een loon voor de tuinder over. Daardoor is de continuïteit van de tuinderij veel beter gewaarborgd. De financiële kant van het bedrijf is als het ware afgedekt door de deelname van de gemeenschap.
Ik heb heel wat oogstgenoten die zelf eigenlijk geen tijd hebben voor het onderhouden van een moestuin, maar daar wel graag uit zouden willen eten. De zelfoogsttuin lost dat probleem op. Want ik verzorg voor hen het zaaien, planten en wieden. En het leukste - het oogsten - mogen ze dan iedere week zelf komen doen. Die oogst verdelen we eerlijk over de 100 oogstgenoten die dit jaar mee doen.
Sommigen zien een CSA als een zuiver financieel of economisch model. Maar ik heb inmiddels geleerd dat het veel meer waarde heeft. De gemeenschap die betrokken wordt, bestaat bij mij niet alleen uit oogstgenoten. Er is ook ruimte voor vrijwilligers, supporters en bezoekers. Ieder kan op zijn eigen wijze deelnemen of genieten van de tuin. Dat maakt dat het langzamerhand een plek is geworden die op veel meer manieren gedragen wordt door de gemeenschap dan alleen via de financiële bijdragen die aan het begin van het seizoen worden gedaan. Het kan mensen écht iets schelen hoe het met de tuin gaat. En dat vind ik op zichzelf een zeer motiverend gegeven om er ieder jaar vol voor te gaan. Het is een plek voor ons en door ons.
Mocht je nou ook willen meedoen, dan kan dat. Er zijn nog een paar plekjes voor oogstgenoten voor komend seizoen. Of je kunt aansluiten als vrijwilliger. Lekker met je vingers in de aarde, de zon op je bol en je neus in de frisse lucht. Of je komt vanaf half mei gewoon een keertje een kopje koffie doen of een boeketje onbespoten bloemen plukken. Kies een manier die bij je past. Meer informatie vind je op www.degroentemeester.nl







