woensdag 4 december 2013

5 redenen om een backchannel in te zetten in je les


Een backchannel gebruiken in je les houdt in dat je je leerlingen de gelegenheid geeft om te reageren op je les. Dat doe je dan niet door ze een vinger te laten opsteken, maar je geeft ze een kanaal via de computer, een mobiel of een tablet waar ze hun vragen en opmerkingen kwijt kunnen.
Als je je er niets bij voor kunt stellen, moet je tijdens een willekeurige tv uitzending de twittertag van dat programma maar eens volgen. Dan wordt het principe ineens duidelijk.

Waarom zou je dat in je les willen gebruiken? Richard Byrne geeft 5 redenen.

1. Je geeft verlegen leerlingen de kans om ook bij te dragen aan de dialoog.
2. Leerlingen die leren door vragen stellen, kunnen een oneindig aantal vragen stellen zonder de les op te houden.
3. Je kunt de voorkennis en/of interesse van leerlingen beter in beeld krijgen.
4. Je kunt je lestijd uitbreiden tot (ver) na je les, want als een bepaald onderwerp veel vragen oproept, kunnen die gewoon gesteld en beantwoord worden, ook al is je lesuur voorbij.
5. Je kunt direct (gedurende de les) zicht krijgen op het feit of leerlingen de stof (nog) snappen.

Ik neem aan dat je door dit rijtje meteen overtuigd ben en eigenlijk meteen aan de slag wilt. Als je wilt weten hoe, kun je ook bij Richard Byrne terecht. Hij heeft een handleiding geschreven waarin hij de tools Socrative, Padlet en TodaysMeet uitlegt. Handig hoor.

dinsdag 3 december 2013

Succesvolle netwerkgebaseerde (leer)gemeenschappen


Voor de master Leren & Innoveren maken we gebruik van het boek "How People Learn". Daarin is een apart hoofdstuk gewijd aan 'Technology to support learning'. Voor mij erg relevant leesvoer. Hoewel de bronnen die voor dit hoofdstuk genoemd worden soms wel erg oud zijn, is het interessant om te bekijken of ze toch nog wat zinnigs te zeggen hebben over het hedendaags gebruik van technologie.
Zo vond ik een opmerking over een onderzoek dat ooit (in 1990!) gedaan is naar het gebruik van elektronische samenwerkingsomgevingen. In die tijd wist ik niet eens dat dat bestond (ik was 13..), maar er waren blijkbaar al wel mensen nieuwsgierig naar de werking van zulke omgevingen. Let op, we praten dus over een tijd van vér voor Twitter en Facebook. Sterker nog. Email was voor het grote publiek nog iets buitenaards.

In het boek 'How People Learn' wordt er dus gerept van een onderzoek dat inging op de succes- en faalfactoren van het gebruik van elektronische gemeenschappen. In dat onderzoek zijn er drie factoren aangewezen (volgens HPL) die bijdragen aan de vorming van een succesvolle netwerkgebaseerde gemeenschap. Die factoren zijn:
1. Nadruk op groeps- in plaats van 1-op-1-communicatie
2. Helder omschreven doelen of taken
3. Expliciete inspanningen om groepsinteractie te faciliteren

Als ik deze factoren projecteer op een facebook groep die we binnen SCOH sinds deze zomer actief hebben voor de ICT-coördinatoren, kan ik me erg goed voorstellen dat dit nog steeds succesfactoren zijn voor elektronische (leer)gemeenschappen.

Als je benieuwd bent naar het onderzoek volg je deze link naar Google Scholar. Eerste hit.


(Bron plaatje)

maandag 2 december 2013

Blended Learning in 2 infographics

Op Edudemic komen zo nu en dan infographics voorbij. Aan twee ervan wil ik in deze blogpost even aandacht besteden. De eerste geeft een overzicht van wat Blended Learning inhoudt, en de tweede geeft een overzicht van wat er allemaal nodig (en wenselijk) is om Blended Learning goed van de grond te krijgen.



 



Als je de infographics in zijn geheel (en leesbaar) wilt zien, klik je hier door naar nummer 1, en hier naar nummer 2.

Eerder schreef ik al over de vier vormen van blended learning die gehanteerd worden. In de eerste infographic worden ze nog weer eens genoemd:
1. Rotation
2. Flex
3. Self Blend
4. Enriched Virtual
 Ik denk dat Rotation en Flex de twee vormen zijn die het meest voorkomen in het basisonderwijs.

De tweede infographic gaat vooral in het proces om tot blended vormen van leren te komen. Er worden verschillende fasen in beeld gebracht. Fase 1 is het creëren van voorwaarden. Fase 2 gaat over het maken van plannen. Fase 3 is de implementatie. En fase 4 legt zich toe op het verbeteren van elementen. Vooral vanuit beleidsvormend oogpunt is de tweede infographic interessant.


woensdag 27 november 2013

Ieder kind heeft een kampioen nodig

Op Edudemic kwam ik een link tegen naar deze TEDtalk van Rita Pierson.
'Every kid needs a champion'

Als je het nog nooit gezien hebt: kijken!


dinsdag 26 november 2013

5 redenen waarom de flipped classroom werkt

Flipping the classroom houdt in dat je de manier van werken in de klas kantelt. Kort door de bocht betekent het dat je huiswerk vooraf opgeeft en in de klas zorgt voor de verwerking. Ook de aard van het huiswerk is veranderd. Want waar leerlingen eerst verwerkingsopdrachten na de les mee naar huis kregen, krijgen ze nu lees- of kijkopdrachten mee voordat ze de les binnenkomen. Die lees- of kijkopdrachten vervangen de instructie (voor een deel) die normaal gesproken in de les door de leraar gegeven werd. Omdat die instructie niet meer in de les gegeven hoeft te worden, hou je daar tijd over om leerlingen met de verwerking te begeleiden of dieper op vragen in te gaan.

Op University Business.com vond ik een bijdrage van Elizabeth Millard over dit onderwerp. Zij geeft 5 redenen aan waarom de flipped classroom werkt.

1. Het zorgt voor hogere leerlingbetrokkenheid
2. Het versterkt de samenwerking tussen leerlingen
3. Het biedt toegang tot personalisering van leerlingbegeleiding
4. Het geeft focus aan onderwijsleergesprekken
5. Het voorziet in flexibiliteit om lessen aan te passen aan de omstandigheden

In de beschrijvingen benadrukt ze ook vaak het gebruik van 'clickers'. Daarmee kun je veel feedback krijgen op verschillende momenten van je les. Als ik haar artikel zo lees, is het gebruik van deze student respons systemen misschien wel het meest krachtige onderdeel van de hele werkvorm.

Via rec:all

(Bron plaatje)

maandag 25 november 2013

Rekenspellen voor op iedere tablet via Rekenweb

Van Rekenweb ken je vast en zeker de pagina met rekenspelletjes. Daar staat erg veel materiaal dat je op een computer of digibord kunt gebruiken. Maar alles wat daar staat is geprogrammeerd in flash. En dat is een nadeel als je wilt (laten) werken met tablets. Want flash werkt niet op alle tablets.

Op het blog ICT-vijver las ik een berichtje dat Rekenweb ook een verzameling heeft van rekenspelletjes dat geschikt is voor gebruik op tablets. Ze hebben daartoe twee nieuwe verzamelpagina's in het leven geroepen. Eén waarop spelletjes verzameld worden die in de Appstore van iOS te vinden zijn. Sommige daarvan zijn gratis, voor andere moet je betalen.
En ze hebben een verzamelpagina gemaakt voor spelletjes die geprogrammeerd zijn in html5. En die zijn op alle tablets (maar ook op computers en digiborden) te gebruiken.

Kortom:
Rekenspelletjes voor computer en digibord in flash
Rekenspelletjes voor op de iPad via de Appstore
Rekenspelletjes voor op iedere tablet, computer en digibord

Doe er je voordeel mee.

Via ICT vijver