maandag 30 september 2013

Zoeken naar bronnen voor wetenschappelijk onderzoek

Voor de master die ik in september gestart ben, moet ik dit semester drie producten opleveren. Het is de bedoeling dat ik een paper schrijf naar aanleiding van een literatuurstudie, dat ik een onderzoeksplan ontwikkel voor een probleem uit mijn praktijk, en dat ik een onderwijsontwerp maak voor gebruik in mijn eigen praktijk. Het onderzoeksplan en het onderwijsontwerp worden nu nog gezien als 'vingeroefening'. Ik moet wél de plannen maken, maar ik hoef ze níet uit te voeren. Het is in die zin dus een theoretische exercitie.

Voor alle drie de opdrachten is het nodig om wetenschappelijke literatuur te selecteren zodra je je onderwerp weet. Afgelopen week zijn mijn onderwerpen beter in beeld gekomen (waarover ik later ongetwijfeld iets zal schrijven hier) en dat maakt het relevant om te gaan kijken van welke websites ik gebruik kan maken om relevante bronnen te vinden. Aangezien ik het lijstje toch ging maken, kan ik het net zo goed ook hier posten. Misschien heeft een ander er ook wat aan.
Ik heb tot nu toe het volgende lijstje:

Narcis.nl
"NARCIS biedt toegang tot wetenschappelijke informatie waaronder (open access) publicaties afkomstig uit de repositories van alle Nederlandse universiteiten, KNAW, NWO en diverse wetenschappelijke instellingen, datasets van een aantal data-archieven, alsmede beschrijvingen van onderzoeksprojecten, onderzoekers en onderzoeksinstituten. "

Google Scholar
"Google Scholar biedt een eenvoudige manier om te zoeken op wetenschappelijke literatuur. U kunt zoeken in de meest uiteenlopende disciplines en bronnen vanuit één zoekvak: artikelen, proefschriften, boeken, samenvattingen en artikelen van academische uitgeverijen, professionele organisaties, voorpublicaties, universiteiten en andere wetenschappelijk organisaties. Met Google Scholar kunt u wereldwijd de meest relevante wetenschappelijke onderzoeksrapporten zoeken."

Tijdschrift Onderwijsinnovatie
"Het kwartaalblad OnderwijsInnovatie (OI) wordt uitgegeven door de Open Universiteit en behandelt onderwerpen die te maken hebben met innovaties in het gehele hoger onderwijs in Nederland en Vlaanderen."

4W
"4W is het wetenschappelijke tijdschrift van Kennisnet, met artikelen over opbrengsten en werking van ict in het onderwijs. 4W verschijnt zowel digitaal als in gedrukte vorm. Het richt zich op de algemene principes die verklaren waarom een ict-toepassing in een zekere context wel of niet werkt. Het kan gaan over ict voor leren, organiseren en professionaliseren. 4W brengt hiermee in kaart wat we weten over wat werkt met ict in het onderwijs, alsook welke praktijkvragen nog niet beantwoord zijn."

Blogcollectief onderzoek onderwijs
"Het blogcollectief verenigt geestverwante docenten in het primair en secundair onderwijs en onderzoekers aan hogescholen en universiteiten in Nederland en België. Het doel is academisch onderzoek te verbinden met het basis- en middelbaar onderwijs, met als zwaartepunt de praktijk."

Leraar24
"Leraar24 is een online platform van, voor en door leraren, bedoeld om u te ondersteunen bij het uitoefenen van uw beroep. Met Leraar24 kunt u zich op elk moment van de dag efficiënt en kosteloos informeren en verder groeien in uw vak"

LOOK
"LOOK (Wetenschappelijk Centrum Leraren Onderzoek) is een expertisecentrum voor de professionele ontwikkeling van, voor en door leraren. De kernactiviteit van LOOK is het doen van praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek naar de professionele ontwikkeling van leraren. Dat gebeurt in onderzoeksprojecten in samenspraak met scholen en leraren: co-creatie. De aanvragen voor onderzoeksprojecten komen veelal vanuit de praktijk. Het onderzoekscentrum slaat hiermee een brug tussen onderwijsonderzoek en de praktijk. LOOK ontwikkelt generieke kennis die voor het gehele onderwijs toegankelijk is. LOOK (voorheen Ruud de Moor Centrum) is onderdeel van de Open Universiteit."

Met deze overzichten moet ik relevante publicaties kunnen vinden. :-D

(bron plaatje)

woensdag 25 september 2013

5 krachtige manieren om een presentatie te openen

Op het blog van Slideshare las ik laatst een bijdrage die ik wil bewaren voor later gebruik. Zij gaan in die blogpost in op vijf manieren om een presentatie te openen. Gezien het feit dat ik nog wel eens wat moet (wil) presenteren, is deze kennis wel handig om even op te slaan.
In het kort zijn dit de vijf manieren die zij noemen:

  1. Gebruik stilte
  2. Wijs naar de toekomst of naar het verleden
  3. Citeer iemand
  4. Deel iets bijzonders
  5. Vertel een verhaal of anekdote 

Hier vind je de toelichting van ieder punt.

dinsdag 24 september 2013

5 leervoorkeuren volgens Simons #inhmli

Zoals ik al eerder geschreven heb, ben ik dit schooljaar begonnen met de master Leren en Innoveren bij InHolland. Inmiddels hebben we een kennismakingsbijeenkomst en twee masterclassdagen achter de rug. Afgelopen vrijdag kwam prof. dr. P. Robert-Jan Simons ons een masterclass geven over onder andere leervoorkeuren. Volgens Simons zijn er verschillende leervoorkeuren te benoemen die mensen kunnen hebben. In het artikel dat we voor deze masterclass vooraf als huiswerk opgegeven hadden gekregen, noemt hij de volgende vijf voorkeuren:
(Dit is een weergave in mijn woorden.)

1. Kunst afkijken (apperception)
Mensen die deze leervoorkeur hebben, willen het liefst leren van iemand die iets heel goed beheerst. Dat kan een vaardigheid zijn, of misschien is diegene een expert op een bepaald kennisdomein. Het werd tijdens de masterclass ook vergeleken met modelleren, of imiteren van expertgedrag.

2. Participeren (participation)
Mensen die deze leervoorkeur hebben, willen het liefst samen leren. Ze leren het liefst in groepen en proberen van en met elkaar te leren. Ze gaan ervan uit dat kennis ontstaat door interactie met andere mensen.

3. Kennis verwerven (acquisition) 
Mensen die deze leervoorkeur hebben, gaan ervan uit dat kennis iets is dat vaststaat, dat feitelijk en objectief is, en dat je dat dus kunt verkrijgen door te leren. Uit een boek, van een filmpje, door een hoorcollege bijvoorbeeld. Het schoolse leren sluit hier vaak bij aan.

4. Oefenen (exercising)
Mensen die deze leervoorkeur hebben, stellen prijs op een veilige (gesimuleerde) omgeving waarin ze fouten kunnen maken zonder dat dat consequenties heeft. Ze willen de kennis of vaardigheid eerst oefenen voordat ze het in praktijk brengen.

5. Ontdekken (discovery)
Mensen die deze leervoorkeur hebben, willen het liefst gewoon doen, en zelf ontdekken wat wel of niet werkt. Al handelend komen ze er achter hoe 't zit. En daardoor leren ze.

In onderstaande video licht hij toe dat die verschillende leervoorkeuren bij verschillende mensen in verschillende combinaties voorkomen. In mijn geval heb ik een voorkeur voor 'kunst afkijken' en 'ontdekken'. Zo'n combinatie heet dan een leerpatroon. In het meest ideale geval zou een leraar rekening moeten houden met de leerpatronen van zijn leerlingen. Maar dat kunnen er binnen een groep zoveel zijn dat dat bijna niet te doen is. Volgens Simons komt daar ict om de hoek kijken. Want door ict slim te gebruiken, zegt Simons, kun je veel beter tegemoet komen aan de leerpatronen van je leerlingen.


Robert-Jan Simons over leervoorkeuren from Master Leren & Innoveren on Vimeo.

Aan het eind van zijn masterclass voegde hij overigens nog toe dat ze nu bezig zijn deze theorie uit te breiden met nog twee leervoorkeuren. Over de naamgeving is nog geen overeenstemming bereikt, maar de ene leervoorkeur wordt waarschijnlijk iets met 'intuïtief leren' of 'onderbuikgevoel', en de andere heeft iets te maken met 'beeldend leren' of 'het afspelen van verschillende filmscenario's'.


bronnen:
Simons, R., & Ruijters, M. (2008). Varieties of work related learning. International Journal of 
Educational Research, 47, 241-251. 

maandag 23 september 2013

Interesse in goedkope ActivBoards?

Normaal gesproken gebruik ik hier mijn blog niet voor, maar in dit geval maak ik een uitzondering. In de herfstvakantie gaat één van de scholen waar ik ict-coördinator ben, verhuizen naar een nieuw gebouw. We zijn daar dus drukdoende bezig daarvoor de voorbereidingen te treffen. In het nieuwe gebouw gaan we gebruik maken van touchscreens. En daarmee worden onze oude digiborden overbodig.

Scholen of organisaties die goedkoop een (gebruikt) ActivBoard op de kop willen tikken, zijn hier dus aan het goede adres. We hebben 8 borden en 6 beamers weg te doen. De bedoeling is dat degene die koopt, ook zorgt dat het bord gedemonteerd en vervoerd wordt. De school staat in het Laakkwartier in Den Haag.
Verder wordt de inhoud van de patchkast ook vernieuwd, dus er zijn ook een paar switches in de aanbieding. Wie het eerst komt, die het eerst maalt.

Als je interesse hebt, laat dan even een reactie achter onder deze blogpost, of stuur mij een berichtje via het contactformulier op deze site of via twitter.

(bron plaatje)

woensdag 18 september 2013

5 tools om de vergeetcurve te verslaan

figuur 1: basismodel vergeetcurve
Drie keer vijf minuten iets studeren, heeft meer effect op het geheugen dan 1 keer een kwartier. Dat is goed om te weten als je tafels moet leren. Of woordjes. Of topografie. Dat heet gespreide herhaling, of gespreid leren.
Hoe je daar via technologie gebruik van kunt maken volgt verderop.

Geheugenkaarten, flashcards
Er is een werkvorm met geheugenkaarten (in het Engels 'flashcards') die gebruik maakt van het gegeven van gespreid leren. Een manier om daarmee te werken, zal ik hieronder beschrijven.
Je maakt een set kaarten, met op iedere kaart een leeritem, bijvoorbeeld een tafelsom. Op de voorkant staat dan de som, op de achterkant het antwoord.
De items op die kaarten leer je in de eerste leersessie uit je hoofd. Daarvan onthoud je er gewoonlijk een aantal en -uiteraard- je vergeet er een aantal.

Goed en fout
In de tweede sessie begin je met het hele stapeltje te overhoren. Ieder goed antwoord gaat op een aparte stapel. En iedere kaart met een fout antwoord gaat op een andere stapel. Vervolgens heb je de stapel met de kaarten die je goed had, niet meer nodig. Het stapeltje met de foute antwoorden ga je in de tweede sessie opnieuw uit je hoofd leren.
Aan het begin van de derde sessie overhoor je jezelf weer. En dan leer je weer alleen verder met de foute antwoorden.
Zo ga je door totdat alle kaarten op zijn. Gevolg: je hebt de stof uit je hoofd geleerd.


Vergeetcurve
Nou bestaat er ook zoiets als een vergeetcurve. De theorie daarover zegt eigenlijk hoe langer je wacht, hoe meer je vergeet. Zie het plaatje hiernaast (bron).
Uiteindelijk zul je altijd wel iets onthouden van de leerstof, dus de lijn eindigt in vrijwel alle gevallen horizontaal en niet op nul. Hoe hoog de lijn eindigt, is per persoon verschillend.


Als je de stof zou leren via gespreid leren, beïnvloed je de vergeetcurve. Dat is weergegeven in het schema hiernaast. (bron)
De rode lijn is de oorspronkelijke vergeetcurve. De groene lijnen illustreren wat je onthoudt na een tweede, derde of vierde leersessie.
figuur 2: beïnvloeden van de vergeetcurve

Optimale spreiding
Men is er nog niet over uit wat de optimale spreiding zou zijn. Er wordt verondersteld dat je in eerste instantie kort op elkaar zou moeten leren, en daarna kan de tijd tussen de leersessies steeds langer worden. De optimale spreiding hangt waarschijnlijk af van factoren zoals (hoeveelheid) leerstof, duur van de leersessies, tijdstip van overhoren, en de persoon die wil leren.


Tot zover deze tekst die ik al eerder postte op dit blog (zie maart 2010)

Inmiddels ben ik op een aantal aanvullende tools geattendeerd waarmee je de techniek van gespreid leren kunt toepassen. Technologie kan er namelijk voor zorgen dat de zaken makkelijker gaan dan met gewone kaartjes. Een lijstje:

1. Evernote Peek
Dit is een app voor de iPad die handig gebruik maakt van de SmartCover. Dit heb je er dus ook voor nodig: een iPad met smartcover, een evernote account en leerstof. Om te zien hoe het werkt, verwijs ik naar onderstaand filmpje:


2. StudyBlue
Op het blog van Evernote vond ik een post over StudyBlue. StudyBlue is een dienst die je kunt gebruiken om Flashcards te maken en jezelf te overhoren. Je hebt er een account bij StudyBlue voor nodig. En dat account kun je eventueel koppelen aan je Evernote account. Voor meer informatie ga je naar StudyBlue of kijk je op hun youtubekanaal.

3. Classmint
Via het blog van Richard Byrne werd ik gewezen op Classmint. Deze online dienst onderscheidt zich volgens hem van andere flashcards diensten doordat ze de mogelijkheid bieden om je kaarten te laten voorlezen. Maar zoals André Manssen al opmerkte, zal dat wel niet voor het Nederlands gelden.

4. Cram
Ook van het blog van Richard Byrne komt de volgende suggestie: Cram. Deze tool werkt volledig online. Het maakt niet uit of je op een computer, of op een iPad (of andere tablet) gaat werken. Ik vind het een vrij prettige interface en de bediening is makkelijk. Ik heb niet geprobeerd zelf een set kaarten aan te maken, maar dat ziet er hier simpel uit.

5. Brainrush
Deze tool is misschien nog wel het meest gericht op leraren: Brainrush. Want waar de andere tools zich vooral richten op het leren van de leerling (of student zo je wilt), biedt deze dienst expliciet toegang tot een soort dashboard voor leraren. Via dit dashboard kunnen leraren activiteiten klaarzetten en de resultaten van de leerlingen monitoren. Er wordt gezegd dat ze dit platform willen uitbreiden naar een breder leerplatform. We zullen zien. Gespot via het blog van David Kapuler.

dinsdag 17 september 2013

2 tips: Gids voor Blogger in Scholen en #klassepret

Voor wie 'iets' wil doen met blogs in zijn onderwijs, is de eerste tip bedoeld. Op het blog van Richard Byrne (FreeTech4Teachers) vind je een 'Complete Guide for Blogger in Schools'. Hij schrijft dat hij het een maand gratis ter beschikking stelt. Inmiddels is de maand volgens mij afgelopen, maar je kunt het nog steeds gratis downloaden. (Daar houden we van, niet..?)
Hij heeft op deze gids ook nog twee aanvullingen geschreven, namelijk een aanvulling voor iOS en een aanvulling voor Android. Ook handig.

De tweede tip is die van de hashtag #klassepret. Op Twitter kun je via hashtags heel makkelijk berichten bijhouden die over hetzelfde onderwerp gaan. TV-programma's maken daar bijvoorbeeld veelvuldig gebruik van.
In het onderwijs is #lespo een veelgebruikte, maar daar heeft Juf Inger nu dus een leuke aan toegevoegd. Het idee is dat als er in jouw les iets leuks, positiefs of aardigs gebeurt, je er een tweet over schrijft en hem deelt met de hashtag #klassepret. Ik vind het een heel sympathiek idee en daarom deel ik het hier.