woensdag 28 november 2012

Competentiemodel mediawijsheid

Het is week van de mediawijsheid. Veel scholen zijn daarmee aan de slag gegaan deze week. Een lesgevende vriend van mij merkte van de week nog op dat het best een beetje raar gepland is om zo'n week te organiseren in de week voor Sinterklaas. Als je zeker wilt weten dat het ondersneeuwt in al het pepernoten-geweld, zit je in deze week gebakken, zullen we maar zeggen. Maar het is dan ook vast geen leraar in het basisonderwijs geweest die over die planning ging. :-)

Al met al wil ik hier toch even aandacht besteden aan deze week van de mediawijsheid. En daarom leek het me goed om even melding te maken van het competentiemodel mediawijsheid. Dat model gaat uit van tien competenties die verdeeld worden over vier competentiegroepen.

Begrip (passief)
- Inzicht hebben in de medialisering van de samenleving
- Begrijpen hoe media gemaakt wordt
- Zien hoe media de werkelijkheid kleuren

Gebruik (actief)
- Apparaten, software en toepassingen gebruiken
- Oriënteren binnen media-omgevingen

Communicatie (interactief)
- Informatie vinden en verwerken
- Content creëren
- Participeren in sociale netwerken

Strategie (effectief)
- Reflecteren op het eigen mediagebruik
- Doelen realiseren met media

Dit model zou dan moeten helpen om
- mediawijsheidproducten en -diensten te ontwikkelen.
- het aanbod inzichtelijk maken.
- (eenvoudige) meetinstrumenten vorm te geven.

Je kunt in ieder geval met behulp van dit model je eigen mediawijsheid eens tegen het licht houden. Onderstaand document waarin de verschillende niveaus worden toegelicht, is daarbij handig.

Meer informatie vind je via Kennisnet of Mediawijzer.net.
Hieronder de links naar de volgende pdf downloads:
- Competentiemodel: 10 mediawijsheidcompetenties
- Competentiemodel en toelichting
- Competentieniveaus


Gespot via een blogpost van Margreet van den Berg

dinsdag 27 november 2012

Methodelink.nl, is gratis wel gratis?

Op het weblog van André Manssen vond ik het bericht over Methodelink, een website waar leraren basisonderwijs filmpjes kunnen zoeken bij de gangbare methoden. Alles is gerubriceerd volgens de structuur van de gebruikte methode.
De makers van die site leggen hier zelf uit wat Methodelink is. Dat doen ze daar duidelijk en helder en ze eindigen daarbij dat het gebruik van de site gratis is. Ik denk dan bij mezelf: hoe verdienen ze hier dan aan? Het is, lijkt me, echt geen vrijwilligerswerk.

Ze schrijven het volgende:
Methodelink is gratis!
U hoeft zich alleen te registreren, zodat wij weten dat we met een onderwijs professional te maken hebben. Met behulp van uw schoolgegevens kunnen wij nog beter maatwerk leveren bij de selectie en productie van nieuw beeldmateriaal. Tevens kunnen wij u, indien gewenst, zo af en toe informeren.


Kijk, en dan moet ik denken aan de volgende uitspraak die ik ergens ooit een keer las:
"Als een dienst gratis is, ben je zelf het product."

Heeft deze site een verborgen agenda? Wat doen ze met de database van geregistreerde gebruikers? En waarom wordt er gevraagd om je school en methodes op te geven? Wat hebben zij aan die gegevens?

Begrijp me niet verkeerd. Een site waar je snel filmpjes kan zoeken omdat iemand zo vriendelijk is geweest ze te rubriceren naar vakgebied, methode en zelfs hoofdstuk, lijkt me heel erg handig. En zo'n initiatief is toe te juichen. En dat het gratis is, is ook fijn. Maar van mij mogen ze wel een beetje helderder zijn over hoe ze daar dan aan verdienen. Dan weet je in ieder geval wat de consequenties zijn van 'gratis'.

Alternatieven waarvoor wel betaald moet worden zijn overigens KlasseTV en Leskompas.


Meer lezen
Online les voor leraren
Kracht van het digibord
Beloning via het digibord: Classdojo

maandag 26 november 2012

SAMR beschrijft inzet van ICT (in je les)

Jeroen Bottema besteedt op zijn blog aandacht aan het SAMR model van Puentedura. Dat is een model dat helpt tijdens het reflecteren op je lespraktijk.
SAMR is de afkorting die staat voor de vier niveaus van het model, namelijk:
Substitution, Augmentation, Modification en Redefinition.

(bron)

De twee laagste niveaus beschrijven activiteiten waarbij er een versterking van de didactiek plaatsvindt door de inzet van ICT. Deze twee niveaus zijn 'low level tech'.
Bij de twee hogere niveaus gaat het om transformatie van de didactiek door inzet van ICT. Je doet dan dingen die je zonder gebruik van ICT niet zou kunnen doen. Deze twee niveaus zijn 'high level tech'.

Het is niet de bedoeling van het model om te per se te streven naar het hoogste niveau. Het helpt je alleen om bewust te worden van je inzet van ICT.

Voor meer informatie verwijs ik graag naar de weblog van Jeroen Bottema.


Meer lezen
Programmeer of wordt geprogrameerd
Schrijven met de hand helpt leren lezen
Netwijs: Teach like a champion

vrijdag 23 november 2012

Videoconferencing met een lage drempel

Via Meetingl.com kun je heel eenvoudig, zonder account, een videoconference opzetten. Iedere deelnemer heeft wel een webcam, een microfoon en een browser met flash nodig. Een van de deelnemers maakt een room aan en de rest meldt zich aan in die room en je kunt met elkaar praten. Het schijnt tot 8 personen te werken.

Het voordeel van deze site is dat niemand een account nodig heeft. Dat is bij oplossingen als Skype en Facetime (waar dit een beetje op lijkt qua functionaliteit) wel het geval. En dat kan, zeker als je even snel een videoconference wil opzetten, een extra drempel zijn.

Daar staat bij deze oplossing weer tegenover dat het alleen werkt met flash. Dus op je iPad kun je het wel vergeten.


Gespot via Netties.be

Meer lezen
Expert op afstand
Overzicht videoconferencing met de iPad
Deelbaar digibord

donderdag 22 november 2012

Schrijven met de hand helpt leren lezen

Even terugkomen op mijn blogpost over schrijftechnologie. Ik stelde mijzelf daarin de volgende vraag:

"Ikzelf schrijf bijvoorbeeld nog maar heel weinig op papier. Steeds vaker sla ik notities, boodschappenlijstjes e.d. op op mijn mobiel of op mijn tablet. Eén van de twee apparaten heb ik altijd bij de hand.
Dat gaat in steeds grotere mate gelden voor de kinderen die nu opgroeien. We leren alle kinderen nu (nog) schrijven met pen en papier. Maar waartoe doen we dat eigenlijk? Is handschriftontwikkeling nodig om goed te kunnen leren lezen en schrijven? Moet je het aanleren 'voor de zekerheid'? Voor als de technologie uitvalt?"


En een antwoord daarop las ik via het blog 'x,y of Einstein - De jeugd is tgenwoordig'. Zij verwezen namelijk naar een onderzoek dat gedaan is door de Idiana University. De resultaten van dat onderzoek schijnen aan te tonen dat kinderen sneller leren lezen als ze de letters ook schrijven met de hand.
Het schrijven van de letters helpt de kinderen namelijk om de letters beter te leren herkennen. En daarmee helpt het schrijven van letters het leren lezen.

Rest mij nog wel de vraag tot hoever het schrijfonderwijs moet gaan. Want als het faciliteren van de letterherkenning eenmaal gedaan is, dan blijft daarna weer de vraag staan: waartoe leren we de kinderen schrijven met de hand?


(bron plaatje)

Meer lezen
Over schrijftechnologie
Focus op schrijven
15 typecursussen, is dat nou nodig?

maandag 19 november 2012

+1 werkplek

Daar heb ik nog geen melding van gemaakt. De school waar ik eerder werkzaam was als remedial teacher, invalleerkracht en ict-coördinator heeft aan mij gevraagd of ik de ict-taken weer wilde oppakken.
Dus na een periode van ruim een jaar ben ik sinds de herfstvakantie weer terug in het voor mij vertrouwde team van de Ontmoeting. De school is bezig met nieuwbouw en daarom zitten we nu in een tijdelijk gebouw. De sloop van het oude gebouw is afgerond en de bouw is al enige tijd bezig. In het nieuwe gebouw krijgen we glasvezel en een draadloos netwerk. En we zijn ons nu aan het oriënteren op tablets en touchscreens.

Naast mijn werkzaamheden op de Ontmoeting, blijf ik bovenschools ook actief als beleidsmedewerker ICT bij SCOH en ben ik 1 dag in de week ICT coördinator op een andere school van de stichting, de P. Oosterleeschool. Ik ben daar vorig schooljaar begonnen als ICT-er zonder lesgevende taken. En dat wordt nu ook mijn rol op de Ontmoeting.
Ik heb het op alledrie de werkplekken erg naar mijn zin. De teams bestaan stuk voor stuk uit prettige collega's. Het werk vind ik leuk om te doen en dat komt vooral door de combinatie van de drie plekken. Voor het bovenschoolse werk is het handig om ook nog in een klas te kunnen kijken, zodat je de verbinding met de praktijk niet verliest.
Tegelijk is het op schoolniveau handig om over de muren van de school te kunnen kijken doordat ik ook bovenschoolse taken heb.
De twee scholen zijn qua leerlingpopulatie en samenstelling van het team vergelijkbaar. Maar het verschil tussen de scholen zit 'm in de grootte ervan. De P. Oosterlee is een veel grotere school. En dat verschil maakt het werk op beide locaties dan toch weer even anders. En dat houdt het interessant.

Dus inmiddels heb ik drie ballen in de lucht. :-)


(bron plaatje)

Meer lezen
Nieuwe school (zelfde werk)
Werken op een ander niveau
6 experts basisonderwijs en ICT (om te vinden en te volgen)